Vrijbuiter in het verpleeghuis

In dit boekje vertelt zorgmanager Caroline Dekoninck het verhaal van. Teun, een oude man die overdag sliep en ’s nachts liep te zwerven. Het duurde wel even voordat iedereen de leefstijl van Teun had aanvaard. Caroline vertelt ook over haar rol als leidinggevende. Zij vindt dat elke bewoner bijzonder is. Belevingsgerichte zorg is bedoeld om dat bijzondere te waarderen en de ruimte te geven, ook als je daarvoor je eigen normen en waarden moet loslaten. Dit boekje is zeer geschikt als geschenk voor verzorgende medewerkers bij bijvoorbeeld de start van een invoeringsproject belevingsgerichte zorg, of als kerst- of 12 mei geschenk.

PDF

Het boekje Vrijbuiter is uitverkocht en het boekje gratis aan als PDF. Klik hier om het te lezen

Een indruk van het boekje
Om je een indruk te geven van het boek is hieronder het voorwoord van Vrijbuiter in het verpleeghuis te lezen.

Voorwoord
(door Cora van der Kooij)

November 2004. De medewerkers van verpleeghuis De Landrijt in Eindhoven zitten in de bomvolle zaal van het tot schouwburg omgebouwde restaurant. Ze zijn aanwezig voor de feestelijke aftrap van het project Belevingsgerichte Zorg. Caroline Dekoninck, zorgmanager in Zorgcentrum De Kanidas, is uitgenodigd voor een verhaal over belevingsgerichte zorg. Ze gaat staan, begint te praten, en al gauw heeft ze de zaal volledig in haar ban. Caroline vertelt het verhaal van Teun. Teun, de vrijbuiter, de zonderling, Teun aan wie de ‘goede’ zorgen van het verpleeghuis niet zijn besteed. Hij leeft in zijn eigen wereld, niet omdat hij dement is, maar omdat hij dat al zijn hele leven heeft gedaan. Hij laat zich niet graag douchen, is het liefst buiten, slaapt overdag, staat om 4 uur op en krijgt dan een stapel boterhammen. Teun houdt zich niet aan de regels van de verzorgenden, maar aan zijn eigen gewoonten. En de verzorging past zich aan. Dat gaat niet van de ene dag op de andere. Het is niet gemakkelijk om alle eigen overtuigingen en normen los te laten. Het verhaal van Caroline gaat niet alleen over Teun, maar ook over de gevoelens van de verzorgenden, hun waarden en normen. En ze vertelt ook over haar eigen zoekproces als leidinggevende.

Altijd als ik cursus geef valt het me op dat verzorgenden zo graag vertellen over bewoners die ànders zijn. Het zijn bewoners die erin slagen zichzelf te blijven, het zijn mensen met karakter, humor, wilskracht. Verzorgenden laten me ook altijd juist die kamers zien die getuigen van de persoonlijkheid, de individualiteit van een bewoner. Hoe bijzonder het verhaal van Teun ook lijkt, het raakt aan een meer algemene behoefte. Verzorgenden zijn geïnteresseerd in mensen, vertellen altijd vol betrokkenheid over hun bewoners. Maar tegelijkertijd komen ze er vaak niet toe om zich echt in iemand te verdiepen, zijn levensgeschiedenis te lezen, te zoeken naar de mogelijke lijnen tussen vroeger en het gedrag van nu. Caroline vertelt in haar verhaal dat ze pas iets van Teun begrepen toen ze zich in zijn levensgeschiedenis hadden verdiept. En ze stelt: als je dat doet wordt elke bewoner bijzonder.

Caroline vertelde het verhaal van Teun, maar ze vertelde nog veel meer, vooral over haar rol als leidinggevende. Dat had ze niet op schrift. Maar voor mij was het goud. In mijn boek Een Glimlach in het Voorbijgaan heb ik gesteld dat er heel veel kwaliteit aanwezig is bij verzorgenden en dat het erom gaat die kwaliteit zichtbaar te maken en woorden te geven. Daarom heb ik het initiatief genomen Caroline te interviewen. Dit boekje begint met de inleiding en het verhaal van Teun zoals door Caroline zelf verwoord. Daarna volgen twee hoofdstukken waarin Caroline vertelt hoe ze als leidinggevende bezig is haar teams te coachen en waar nodig ook te sturen. Caroline is een voorbeeld van een leidinggevende zoals wij die ons bij IMOZ voorstellen: met heel veel hart voor bewoners én medewerkers. Leidinggeven wil zeggen dat medewerkers zich veilig voelen en juist daardoor uitgedaagd. 

Caroline vertelt openhartig over haar manier van leidinggeven, met veel originaliteit, met overtuiging en met lef. Ze maakt zichzelf kwetsbaar door zich zo te manifesteren. Iedereen die echt iets van zichzelf laat zien maakt zich kwetsbaar. Wie zichzelf zichtbaar maakt moet maar afwachten hoe anderen reageren. Toch is de kern van Caroline’s motivatie heel simpel. Bij de start van cursussen in belevingsgerichte zorg gebruikten we motto’s als: Niet moeten maar ontmoeten en Wat valt er toch veel (mee) te beleven. Het verhaal van Teun is wel heel bijzonder, maar het is eigenlijk ook gewoon. Als je in een team werkt moet je op elkaar kunnen vertrouwen. En daarvoor zijn afspraken nodig. In een organisatie zijn regels nodig. Maar als je voor mensen zorgt heb je ook ruimte nodig, vrijheid om je nu even niet aan de afspraak of de regels te houden. Een bewoner als Teun is dan een echte leermeester. 


Cora van der Kooij, Apeldoorn 2006